Op 24 september 2026 maakte de KNSB (Koninklijke Nederlandsche Schaatsrijders Bond) de opening van de ticketverkoop voor het nieuwe seizoen 2026-2027 officieel bekend. Miljoenen Nederlandse fans plannen hun bezoeken aan de ijshallen, de pers blikt terug op de gouden medailles van Milaan-Cortina, en de topschaatsers zelf? Die bereiden zich voor op een nieuw seizoen — maar ook op een vraagstuk dat hun salarisstrook ingewikkelder maakt dan hun slalomtechniek op het ijs: hoe werkt belasting voor een professionele sportcarrière?
Wat verdient een Nederlandse profschaatser in 2026?
Dat profschaatsen goed kan betalen, mag geen verrassing zijn. Topsporters zoals Joy Beune verdienen via hun ploeg, prestatiepremies en sponsorinkomsten. Volgens onderzoek van Manly.nl zijn de rijkste Nederlandse atleten die actief waren bij de Winterspelen in Milaan-Cortina 2026 goed voor totaalinkomens van boven de één miljoen euro per jaar, wanneer basissalaris, prijzengeld en commerciële deals bij elkaar worden opgeteld.
Maar ook de gemiddelde profschaatser in een schaatsploeg ziet een bovengemiddeld inkomen. Een basisloon van € 30.000 tot € 80.000 bruto per jaar is realistisch voor een schaatser in de top-20 van Nederland. Toppers die ook televisieoptredens verzorgen, ambassadeurfuncties bekleden of grote sponsorcontracten afsluiten, kunnen hun totale pakket zien oplopen tot ver boven de € 300.000 — en in uitzonderlijke gevallen tot boven de € 1 miljoen.
Juist op het moment dat die bedragen serieus worden, begint ook het fiscale verhaal ingewikkeld te worden. En dat is precies het moment waarop een financieel adviseur onmisbaar wordt.
De belastingregels voor topsporters: BV, gebruikelijkloon en de afroommethode
De Belastingdienst maakt geen uitzondering voor atleten. Of je nu advocaat bent, IT-consultant of schaatser op profniveau: zodra je via een eigen onderneming inkomsten genereert, gelden dezelfde regels.
Veel professionele sporters kiezen voor de BV-constructie (Besloten Vennootschap). De voordelen zijn aantrekkelijk: vennootschapsbelasting bedraagt 19% over winst tot € 200.000 (en 25,8% daarboven), terwijl inkomstenbelasting in box 1 kan oplopen tot 49,5%. Via dividenduitkering uit de BV — waarbij je 26,9% aanmerkelijk-belang-heffing betaalt in box 2 — bespaar je per saldo aanzienlijk ten opzichte van een volledig salaris.
Maar de Belastingdienst heeft hier een antwoord op: de gebruikelijkloonregeling. Elke directeur-grootaandeelhouder (DGA) moet zichzelf minstens het zogenoemde "gebruikelijk loon" uitbetalen. In 2026 is dat minimaal € 56.000 per jaar, of hoger als het marktconforme loon voor de functie dat bedrag overstijgt. Over dat salaris betaal je gewoon loonheffing.
Aanvullend geldt de afroommethode: wanneer de omzet van de BV vrijwel volledig afhankelijk is van de persoonlijke inspanningen van de DGA zelf — wat bij een sporter bijna per definitie het geval is — kan de Belastingdienst beoordelen of het toegekende salaris reëel is in verhouding tot de totale winst. Wie zichzelf structureel te laag beloont en de rest als dividend uitkeert, riskeert een belastingcorrectie én een boete. Volgens een gepubliceerde Kennisgroep Belastingdienst-richtlijn (KG:204:2022:4) is dit specifiek van toepassing op beroepssporters die via een BV opereren.
Voor schaatsers die als IB-ondernemer werken (zonder BV), gelden andere aftrekregels. Sponsorinkomsten worden als winst uit onderneming beschouwd. Kosten voor materiaal, training en zakenreizen zijn aftrekbaar. Maar representatiekosten — diners met sponsors, evenementen, promotionele activiteiten — kennen in 2026 een aftrekbeperking: de eerste € 5.700 is volledig niet aftrekbaar, en van de rest mag slechts 80% worden afgetrokken.
Als jij Emma bent: hoeveel houd je over van € 85.000?
Laten we een concreet scenario nemen dat voor veel jonge profschaatsers herkenbaar is.
Emma is 23 jaar, rijdt shorttrack op professioneel niveau en verdient in het seizoen 2026-2027 een totaalinkomen van € 85.000. Dat bestaat uit drie onderdelen:
- € 40.000 basissalaris via haar schaatsploeg (loonheffing door werkgever al ingehouden)
- € 35.000 persoonlijk sponsorcontract (Emma ontvangt dit rechtstreeks, opereert als IB-ondernemer)
- € 10.000 prestatiepremie bij NK-medaille (privé ontvangen)
Emma's sponsorinkomen en premie (samen € 45.000) worden als winst uit onderneming aangemerkt. Na aftrek van bedrijfskosten — € 6.500 aan schaatsmateriaal, reiskosten en trainingsuitrusting — resteert een winst van € 38.500. Haar totaal belastbaar inkomen in box 1 bedraagt daarmee circa € 78.500.
Bij dit inkomensniveau geldt in Nederland in 2026 een gecombineerde belastingdruk (inkomstenbelasting + premies volksverzekeringen) van circa 41,5%. Concreet: Emma betaalt ruim € 32.600 aan belasting en premies, en houdt netto ongeveer € 52.400 over van haar bruto € 85.000.
Stel nu dat Emma twee jaar eerder een BV had opgericht. Met een gebruikelijk loon van € 56.000 (over dit salaris loonheffing), een BV-winst van circa € 26.000 (belast met 19% VPB = € 4.940), en een dividenduitkering van het netto bedrag (€ 21.060 × 26,9% = € 5.665), zou haar totale belastingdruk uitkomen op circa € 28.000 — een verschil van ruim € 4.600 per jaar ten opzichte van haar huidige situatie als IB-ondernemer.
Als de BV € 10.000 extra verdient via sponsoring — iets wat bij een stijgend profiel realistisch is — loopt dit voordeel op tot meer dan € 5.500 per jaar. Over een sportcarrière van tien jaar spreek je dan van een cumulatief belastingvoordeel van € 45.000 tot € 55.000 netto. Dat is het soort berekening waarbij een financieel adviseur zichzelf ruimschoots terugverdient.
Dit artikel is informatief van aard en vormt geen belastingadvies. Raadpleeg altijd een gecertificeerd belastingadviseur of financieel planner voor persoonlijk advies.
Internationale wedstrijden en de valkuil van dubbele belasting
Schaatsen is van nature een internationale sport. Wie in Noorwegen, Duitsland, Japan of de VS deelneemt aan World Cup-wedstrijden en daar prijzengeld ontvangt, botst al snel op de regels rondom internationale belastingheffing.
Nederland heeft met vrijwel alle landen in het schaatscircuit belastingverdragen die dubbele belastingheffing moeten voorkomen. Maar de voorkomingsbreuk — de technische berekening die bepaalt welk deel van de Nederlandse belasting wordt verminderd vanwege buitenlandse inkomsten — is een terrein waar veelvuldig fouten worden gemaakt.
Buitenlandse trainings- en reisdagen kunnen meewegen in de teller van de voorkomingsbreuk. Een Nederlandse schaatser die per seizoen 60 dagen in het buitenland verblijft voor wedstrijden en trainingskampen, kan hierdoor aanspraak maken op een verhoogde belastingaftrek — maar alleen als hij dit correct en volledig rapporteert in zijn aangifte inkomstenbelasting. Wie dat niet doet, loopt een potentieel fiscaal voordeel van duizenden euro's mis, of riskeert bij een controle een naheffing.
De KNSB adviseert schaatsers met internationale contracten nadrukkelijk om professioneel fiscaal advies in te winnen van een specialist met kennis van sportersfiscaliteit én internationale belastingverdragen.
Wanneer is een BV slimmer — en wat als je het uitstelt?
De meest gestelde vraag aan financieel adviseurs door jonge sporters is: "Wanneer loont een BV voor mij?"
Het antwoord hangt af van meerdere factoren: totale jaarwinst, kostenniveau, pensioenambities, en verwachte loopbaanduur. Als vuistregel geldt: bij een nettowinst uit zelfstandige arbeid van € 100.000 of meer per jaar is een BV-constructie vrijwel altijd fiscaal voordelig. Tussen € 60.000 en € 100.000 is het maatwerk. Onder de € 60.000 zijn de administratiekosten van een BV vaak hoger dan het belastingvoordeel.
Maar er is een tweede dimensie: pensioenopbouw. Via een BV is het mogelijk om — met de juiste constructie — pensioenvermogen op te bouwen dat belastingvrij groeit en pas bij uitkering wordt belast. Voor sporters met een carrière van 10 tot 20 jaar actieve topsport is dit een structureel voordeel dat niet mag worden onderschat.
Wie dit uitstelt, verliest elk jaar dat hij niet optimaal is gestructureerd onnodig belastingvoordeel. Een profschaatser die op zijn 22e begint en zijn belastingoptimalisatie pas op zijn 28e regelt, heeft zes seizoenen fiscaal suboptimaal geopereerd — een gemiste kans van tienduizenden euro's.
De les voor iedere ondernemer met een nieuw seizoen in zicht
Het schaatsseizoen 2026-2027 is begonnen. Tickets zijn te koop, de sporthallen worden voorbereid, en topschaatsers hervatten hun trainingen. Maar de echte wedstrijd speelt zich niet altijd op het ijs af.
Of je nu schaatser bent, personal trainer, coach, of een freelance ondernemer met meerdere inkomstenbronnen: de fiscale principes die gelden voor profschaatsers zijn dezelfde als voor iedere zelfstandige in Nederland. Gebruikelijkloon, BV-optimalisatie, internationale verdragen, aftrekbeperkingen op representatiekosten — dit zijn geen onderwerpen alleen voor sporters, maar voor iedereen die serieus wil ondernemen.
De start van een nieuw seizoen is het ideale moment om je financiële situatie te evalueren. Weet jij hoe jouw inkomensmix eruitziet, wanneer een BV voor jou loont, en hoe je buitenlandse inkomsten correct aangeeft? Lees ook hoe profwielrenners vergelijkbare fiscale vragen aanpakken bij grote sportprijzengelden via Expert Zoom.
Een gesprek met een financieel adviseur kost een middag. Een verkeerde fiscale structuur kost je jarenlang duizenden euro's.

David Bakker