Op 22 augustus 2026 vierde Felix Meurders zijn tachtigste verjaardag — en nog steeds aan de microfoon van NPO Radio 5. Maar zijn jubileumvreugde duurde maar kort: diezelfde maand maakte BNNVARA bekend dat zijn zaterdagochtendprogramma per eind 2026 stopt, als gevolg van draconische bezuinigingen bij de publieke omroep. Tegelijkertijd presenteert de radioveteraan op 5 december 2026 de allerlaatste aflevering van het consumentenprogramma Kassa — een mijlpaal voor een man die al meer dan zestig jaar verbonden is aan de Nederlandse ether. Zijn situatie stelt een juridische vraag scherp die duizenden freelance mediaprofessionals, maar ook zelfstandigen buiten de mediabranche, direct raken: wat zijn uw rechten als een opdrachtgever uw contract plotseling beëindigt wegens bezuinigingen?
NPO-bezuinigingen: de cijfers achter het kaasmes
De NPO moet vanaf 2027 €156 miljoen besparen als gevolg van kabinetsbeleid. Omroepverenigingen moeten pijnlijke keuzes maken. BNNVARA maakte al een einde aan Kassa, 3 op Reis, Proefkonijnen en het Nieuwjaarsconcert. De VPRO schrapt het radioproject Vrije Geluiden. NPO Campus Radio en NPO Soul & Jazz zijn per officieel rijksoverheidsgebesluit van 30 april 2026 al beëindigd.
Felix Meurders is dus geen uitzondering: hij staat symbool voor een generatie mediaprofessionals die van de ene op de andere dag hoort dat hun programma ophoudt te bestaan. Toch is zijn situatie ook een spiegel voor alle zelfstandigen in Nederland. Want of u nu freelance radiomaker bent, juridisch consultant, bouwkundig adviseur of it-specialist: als u als zzp'er werkt en uw opdrachtgever trekt de stekker eruit, bepaalt uw contract of u daar financieel van kunt leven of niet.
De vraag is niet alleen emotioneel — ze is bijzonder relevant voor iedereen die in de huidige bezuinigingsgolf op een keer die brief in de bus krijgt.
De arbeidsrechtelijke werkelijkheid van freelancers in 2026
Veel presentatoren werken niet in loondienst maar op basis van een opdrachtovereenkomst. Dit onderscheid heeft grote gevolgen wanneer een opdracht vroegtijdig eindigt.
Een werknemer in loondienst heeft bij ontslag recht op een opzegtermijn van minimaal één tot vier maanden (afhankelijk van de duur van het dienstverband), een transitievergoeding van een derde maandsalaris per dienstjaar, en juridische bescherming via UWV of de kantonrechter. Een zelfstandige op een opdrachtovereenkomst heeft in beginsel géén van deze beschermingen — tenzij ze contractueel zijn vastgelegd.
Dit juridische onderscheid wordt in 2026 nog urgenter door een aanvullende ontwikkeling in de regelgeving. Per 1 juni 2026 is het modelcontract van de Belastingdienst voor zelfstandigen zonder gezagsverhouding verlopen. Dat modelcontract gaf opdrachtgevers zekerheid dat een zzp-constructie fiscaal acceptabel was. Nu het contract is verlopen, moeten opdrachtgevers zelf aantonen dat er geen sprake is van schijnzelfstandigheid — en heeft de Belastingdienst meer bevoegdheid om contractrelaties te beoordelen en te herclassificeren.
Voor de freelancer zelf heeft dit een tweeledig effect. Enerzijds vergroot het de kans dat u achteraf als werknemer wordt aangemerkt — met potentieel hogere ontslagbescherming. Anderzijds kunnen opdrachtgevers die schijnzelfstandigheid vrezen, contracten niet verlengen of abrupt beëindigen om naheffingen te vermijden. Precies het type situatie dat Meurders en zijn collega's in de mediabranche nu meemaken.
Drie contractuele ankerpunten die het verschil maken
Een goed opgestelde opdrachtovereenkomst voor een freelancer bevat minimaal drie elementen die standaard ontbreken in basale contractsjablonen.
Een expliciete tussentijdse beëindigingsclausule. Zonder dit artikel kan een opdrachtgever een contract voor bepaalde tijd in de meeste gevallen niet tussentijds opzeggen. Maar dat afdwingen kost u juridische procedures, tijd en geld. Met de clausule staat de opzegtermijn en de daarbijbehorende vergoeding zwart op wit.
Een opzegtermijn met financiële consequenties. Niet alleen de termijn zelf, maar ook wat er bij schending van die termijn gebeurt. Een boeteclausule van 25 tot 50 procent van de resterende contractwaarde is bij media- en adviesopdrachten gebruikelijk en goed afdwingbaar. Zonder boeteclausule heeft een opdrachtgever weinig financieel motief om de opzegtermijn te respecteren.
Een afhankelijkheidsbepaling. Werkt u voor meer dan 70 procent van uw omzet bij één opdrachtgever? Dan zijn er arbeidsrechtelijke argumenten om een hogere opzegtermijn te bedingen. Tegelijkertijd is dit het scenario waarbij een advocaat kan beoordelen of er sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van de wet — wat u aanspraak zou geven op transitievergoeding en ontslagbescherming die doorgaans aan werknemers zijn voorbehouden.
Als de bezuinigingsbrief valt: een concreet scenario
Neem de situatie van Sander, 48 jaar, freelance radiomaker uit Utrecht. Hij presenteert wekelijks een zaterdagprogramma op een regionale publieke omroep. Zijn opdrachtovereenkomst loopt van 1 januari 2026 tot 1 januari 2027, met een vaste maandelijkse vergoeding van €3.200 (acht afleveringen à €400). In september 2026 ontvangt hij een brief: het programma stopt per 1 november 2026, drie maanden voor het einde van het contract, vanwege bezuinigingen.
Scenario 1 — geen clausule, geen juridisch advies: Sander heeft bij het afsluiten van het contract geen tussentijdse beëindigingsclausule bedongen en geen opzegtermijn vastgelegd. De omroep stelt dat twee maanden opzegging "redelijk" is. Sander ontvangt de vergoeding voor oktober en november (totaal €6.400). De vergoeding voor december en januari vervalt — een gemiste opbrengst van €6.400. Hij overweegt een procedure, maar zijn advocaat laat weten dat de juridische kosten (geschat op €2.000 tot €4.000) waarschijnlijk niet opwegen tegen de onzekere uitkomst. Sander accepteert €6.400 en zoekt andere opdrachten.
Scenario 2 — contract met opzegtermijn van drie maanden en boeteclausule: Met een arbeidsrechtadvocaat die bij het afsluiten van het contract meekeek (kosten: €250), staat contractueel vast dat tussentijdse beëindiging drie maanden schriftelijke opzegging vereist én dat bij schending een boete geldt van 50 procent van de resterende contractwaarde. Sander heeft recht op volledige betaling tot 1 januari 2027: drie maanden à €3.200 = €9.600. Daarbovenop valt de boete over de twee maanden die zonder opzegtermijn zijn weggevallen: 2 × €3.200 × 50% = €3.200. Totaalontvangst: €12.800 in plaats van €6.400.
Het verschil: €6.400 netto extra — voor een contractcheck die vooraf €250 kostte.
Als er bovendien sprake blijkt van schijnzelfstandigheid — Sander werkte uitsluitend voor deze omroep, onder redactionele aansturing, op vaste tijden — kan een arbeidsrechtadvocaat aanvoeren dat hij juridisch werknemer is. In dat geval bedraagt de transitievergoeding over zes jaar dienstverband (1/3 maandsalaris per jaar × 6 = 2 maandsalarissen) circa €6.400 extra. Zijn totale meeropbrengst met juridisch advies: tot €19.200 ten opzichte van €6.400 zonder.
Vier stappen na ontvangst van een beëindigingsbrief
Of u nu presentator bent, consultant of projectmanager: als u een vroegtijdige beëindiging ontvangt, zijn de eerste twee weken beslissend.
Stap 1: reageer schriftelijk en voorwaardelijk. Bevestig ontvangst van de brief, maar leg vast dat u de beëindiging betwist zolang u de juridische positie niet heeft laten beoordelen. Stilzwijgende acceptatie kan later worden uitgelegd als instemming.
Stap 2: laat het contract beoordelen door een arbeidsrechtadvocaat. Een eerste gesprek duurt doorgaans een uur en kost €150 tot €300. De advocaat stelt vast of er een tussentijdse beëindigingsclausule is, welke opzegtermijn geldt, of er een boetebepaling is en of er gronden zijn voor een schijnzelfstandigheidsclaim.
Stap 3: verifieer de bezuinigingsgrond. Bij omroepen of publieke organisaties zijn beslissingen over programmabeëindigingen openbaar. De officiële besluiten over de NPO-bezuinigingen zijn te raadplegen via de rijksoverheid. Gebruik deze documentatie als onderbouwing als uw opdrachtgever bezuinigingen als reden opgeeft — daarmee is de grond voor beëindiging objectief vastgelegd, maar het zegt nog niets over uw contractuele rechten.
Stap 4: handel snel. Voor vorderingen op basis van een opdrachtovereenkomst geldt een verjaringstermijn van twee jaar. Maar hoe eerder u juridisch advies inwint, hoe meer opties u behoud. Wacht niet tot na de beëindigingsdatum om te handelen.
Juridische disclaimer: dit artikel is informatief van aard en vormt geen juridisch advies. Raadpleeg een arbeidsrechtadvocaat voor advies over uw specifieke situatie.
Felix Meurders presenteert op 5 december 2026 zijn laatste Kassa-aflevering — met de kalmte van iemand die weet dat hij zijn werk goed heeft gedaan. Voor de meeste freelancers is die kalmte alleen weggelegd als hun contract de bijbehorende zekerheid biedt. Weet u wat er in het uwe staat? Een advocaat op ExpertZoom bekijkt het in één sessie.

Laura Hofman